Kwartet

2140096b

Als klein meisje was ik al dol op spelletjes: Monopoly, Yahtzee, dammen (schaken vond ik stom tot groot verdriet van mijn vader) en memory. Deze spelletjes vond ik geweldig, maar mijn grote favoriet was toch wel kwartet. En dan niet zo maar een kwartet: het Dick Bruna-kwartet was MIJN spelletje en ik kon het niet uitstaan als ik het plaatje met de konijntjes niet kreeg. Het was dan ook zo’n lief plaatje: groen gras waar vier kleine, witte konijntjes in huppelden. Ik had een zwak voor die konijntjes, maar jammer genoeg had mijn zusje bijna altijd dat plaatje en zat ik opgescheept met de bloemen. Ik had en heb niets met bloemen en voor mij telde het bloemenkwartet dan ook niet mee. (klopte ook, want we waren een kaartje kwijt en kwartet krijgen met de bloemen was dan ook onmogelijk.)

Wat ik nog erger vond dat het gemis van het konijnenplaatje, was verliezen. Helaas voor mij en mijn medespelers verloor ik vaak. Heel vaak. Hoe vaker ik verloor, hoe fanatieker ik werd. Ondanks al mijn fanatisme (vooral met kwartet) kwam mijn zusje elke keer als winnaar uit de bus en smeet ik woedend alle kaartjes door de kamer, om vervolgens kwaad weg te stampen terwijl ik gilde dat ze de kaartjes gemerkt had. Gut ja, ik kon niet tegen mijn verlies en iedereen wist dat. Aanvankelijk bleven mijn ouders en zusje geduldig met me, totdat ze echt genoeg van mijn “losers wheepers”gedrag hadden en niemand meer met me wilde spelen. “Het gaat om de gezelligheid, niet om het winnen” zei mijn moeder altijd.Gezelligheid? Ik speelde geen spelletjes voor de gezelligheid! Winnen was mijn doel, niet die duffe gezelligheid! Nu ben ik volwassen en begrijp ik heel goed dat het niet om de knikkers gaat, maar om het spel.

Als jong volwassen prinses op de erwt werd ik geschaakt door mijn oude buurjongen. Ik, die niet van schaken hield, speelde onder het genot van een fles wijn menig potje Kolonisten van Catan met hem. Ik verloor altijd. Abe bleef geduldig en ik beet regelmatig mijn tong bijna af om hem maar niet te laten merken dat ik (nog steeds) niet tegen mijn verlies kon. Ik was immers niet meer dat jonge en vooral niet-tegen-haar-verlies-kunnende grietje, maar een volwassen, verstandige vrouw.

We waren een aantal jaar samen, toen we een tweeling kregen. Een jongenstweeling nog wel! Ha! We hebben Memory! Nog geen twee jaar na hun geboorte kregen we een derde zoon en voelden we ons bijna compleet. Bijna, maar nog niet helemaal. Nog geen vijf jaar na de geboorte van de oudste twee kregen we een dochter. Drie zoons en een dochter, dat maakt kwartet!

Kwartet! Ik win!

Ik ben Eva en sinds 2006 getrouwd met Abe. Samen hebben we vier kinderen: de tweeling Steijn en Hugo (2007), Mees (2008) en Kate (2012). Na jaren les te hebben gegeven, heb ik besloten om te gaan doen waar mijn hart ligt, namelijk schrijven.

Be first to comment