Een netelige kwestie

foto

Een aantal maanden geleden had ik een gesprek met een vriendin. Zij heeft een dochter van bijna zes en het meisje is werkelijk een plaatje met haar lange, dikke blonde haar. Serieus: ze heeft echt fantastisch haar en ik kan alleen maar hopen dat Kate ooit zulk haar gaat krijgen! (Kate was, net als haar broers, een kaal neetje als baby en hummeltje.)

Maar goed, vriendin vertelde dat haar kinderen luizen hadden gehad en in het geval van haar dochter was dat een ramp van formaat. Het was een pittige klus om die enorme berg haar te ontluizen en dan nog eens twee weken lang die bos met een netenkam te lijf te gaan. En dat twee keer per dag! Ik humde instemmend toen ze het vertelde en zei dat mijn kinderen nooit luizen hadden, want ik smeerde dagelijks een grote dot gel in de haren van de jongens. Kate heeft nog zulk vlassig peuterhaar en daar zou geen luis zich fijn voelen.

De laatste paar weken had ik af en toe last van wat jeuk op mijn kop en oren. Hugo klaagde ook over een jeukend hoofd en ik had al gezien dat hij de laatste tijd een ietwat droge hoofdhuid had. Gut, wat zou dat zijn? Google was mijn vriend en een tikje bezorgd typte ik “jeuk hoofd oren” in het zoekbalkje. Een site over huidinfo was mijn eerste hit en nieuwsgierig begon ik te lezen. Die jeuk kon de volgende oorzaken hebben:
- Luizen. Uitgesloten. Wij krijgen geen luizen. Ik heb maar een keer in mijn leven luizen gehad en dat was ruim dertig jaar geleden.
- Schurft: Hallo, we leven niet meer in 1800!
- Diabetes: Wacht eens even! Ik heb een aantal keer zwangerschapsdiabetes gehad en dat kon zich ontwikkelen tot diabetes type II. Ik moest de huisarts maar eens gaan bellen.
- Herstel van griep: Hee, een aantal weken terug hadden we allemaal buikgriep en die jeuk was dus gewoon een nawee! Mysterie opgelost.

Een dag na mijn “Google-is-mijn-vriend-actie” zat ik bij een vriendin thuis. Man en kinderen waren gezellig mee en iedereen had het naar zijn zin met elkaar. Mees kroop bij Vriendin op schoot en ze aaide hem over zijn bolletje. Ze keek even bedenkelijk, aaide nog een keer en zei: “Eef, volgens mij heeft hij luizen.” Wat? Luizen? Mijn kind? Echt niet! Ik keek ook even goed en wat ik had aangezien voor stofpluisjes waren dus gewoon neten geweest! Oh ruk.

Als Mees het had, dan hadden zijn broers en zusje het ook! Nee, nee, nee, dit kon niet! Wij kregen toch geen luizen? Abe bonjourde ons het huis van Vriendin uit en sleurde mij in al mijn hysterie mee. Eenmaal op weg naar huis kreeg ik een lumineus idee: we zouden naar de drogist gaan en daar flink wat anti-luizenspul kopen. Dood moesten die krengen! Ik zou ze verdelgen!

Kordaat doch beschaamd stapte ik de drogist binnen. Gelukkig was ik de enige klant en mompelend vroeg ik om wat luizenspul. Ze had een hoop in huis en adviseerde me een bepaald goedje, maar ik besloot om alles te kopen. Er moesten immers zes mensen ontluisd worden!

Bij het horen van het af te rekenen bedrag kreeg ik een appelflauwte. Ik noem geen cijfers, maar geloof me dat die luizenbusiness enorm lucratief is! De bedenker van al die goedjes moet stinkend rijk zijn, het kan niet anders. De aardige drogistmevrouw had het met me te doen en vroeg of ik niet iets terug wilde leggen. Was ze soms gek geworden? Ik moest van die smerige rotluizen af en ik ging helemaal niets terug leggen! Ik nam alles mee en wilde er graag een tasje bij!

Met alle liefde betaal ik veel te veel, als ik maar van die vervelende luizen af kom. Liever arm en luisvrij, dan een rijkeluis, is mijn credo.

(voor de ramptoeristen en de nieuwsgierige aagjes onder ons: binnen een dag waren we, dankzij die peperdure kammen en goedjes, van de luizen en neten af!)

Ik ben Eva en sinds 2006 getrouwd met Abe. Samen hebben we vier kinderen: de tweeling Steijn en Hugo (2007), Mees (2008) en Kate (2012). Na jaren les te hebben gegeven, heb ik besloten om te gaan doen waar mijn hart ligt, namelijk schrijven.

Be first to comment