Vrouwen van Venus, mannen van Mars?

foto

Laatst las ik op www.telegraaf.nl (nee, ik schaam me niet) een artikel over het boek “Mannen komen van Mars, Vrouwen van Venus”. Dit boek staat bomvol stereotypen en clichés. Clichés zijn altijd waar. Toch?

Ook al heb je het boek nooit gelezen, je hebt vast wel van de uitdrukking “Mannen komen van Mars” gehoord. De afgelopen jaren kun je nooit eens lekker klagen over je betere helft die het dopje van de tandpasta wéér vergeten is, of je klaagmuur zegt: “Tja, mannen komen van Mars, he?”. Vaak trekt je onafhankelijke derde hier een serieus gezicht bij, alsof je compleet van de pot bent gerukt dat je hierover klaagt. Je weet toch immers dat mannen hier niets aan kunnen doen?

Maar goed, deze bestseller staat vol met weetjes over mannen en vrouwen. Mannen kunnen bepaalde dingen niet die vrouwen weer heel goed kunnen en vice versa. Zo kunnen mannen bijvoorbeeld niet over hun gevoelens praten, terwijl vrouwen dit weer heel goed schijnen te kunnen en dan ook graag doen.

Ooit, lang geleden, had ik een kerel aan de haak geslagen die niets liever deed dan over zijn en mijn gevoeletjes praten. Al mijn hersenspinsels analyseerde hij tot op het bot en continu wilde hij weten wat ik voelde. Best leuk hoor, maar ik werd gek van dat gevoelige gedoe. Zo waren we eens aan het afwassen en doorgaans is dat het moment om eens nader tot elkaar te komen. Ik waste af en stond net een pan goed schoon te schrobben, toen hij vroeg wat ik voelde bij het doen van de vuile vaat. Wat ik voelde? Uitgedroogde handen. Helaas was dat niet het antwoord waar hij op zat te wachten. Hij wilde weten wat mijn emoties waren als ik aan het afwassen was! Emoties? Bij de afwas? Was hij soms gek geworden? Voor de gein vroeg ik hem of hij soms ongesteld moest worden, maar dat viel niet in goede aarde. Boos beende hij weg en beet me toe dat ik gemeen was, terwijl hij de deur met een harde klap dicht sloeg. Een dag later maakte hij het uit; hij vond dat we niet goed konden praten samen. Wat een emotionele zeurpiet!

Nog zo’n heerlijk cliché is dat vrouwen goed kunnen multitasken. De laatste keer dat ik keek was ik toch echt een vrouw, maar multitasken kan ik niet, heb ik nooit gekund en ga ik ook nooit kunnen. Koken terwijl ik aan het bellen ben? Op zijn minst vergeet ik de helft van de ingredienten in de pan te doen! Meestal vergeet ik echter dat ik aan het koken ben en brandt het hele zaakje aan.

Mijn betere helft is een man en hij heeft dus totaal geen moeite met tig dingen op hetzelfde moment uitvoeren. Hij kan bijvoorbeeld prima Kate een schone luier geven en tegelijkertijd wat schaakregels aan de jongens uitleggen, terwijl hij een mailtje typt en in een pan saus roert. Heel knap vind ik dat. In mijn geval zou Kates luier op haar hoofd zitten en zouden de schaakregels verzonden worden, terwijl ik “Eeehhh?” tegen de jongens zeg. De pan met saus ben ik dan al een aantal handelingen daarvoor vergeten.

Enfin, Amerikaanse wetenschappers hebben flink onderzoek gedaan naar de clichés en stereotypen uit “Mannen komen van Mars, Vrouwen van Venus.” Ze zijn tot de conclusie gekomen dat mannen en vrouwen psychologisch bijna gelijk zijn! De reden waarom we denken dat mannen en vrouwen veel van elkaar verschillen is omdat we andere mensen graag in hokjes stoppen. Voor degene die nu roept dat hij of zij dat nóóit doet: onzin! Je hebt altijd vooroordelen en verwachtingspatronen als je nieuwe mensen ontmoet. Je stopt deze nieuwe mens in een hokje waardoor je weet waar je een toe bent. Ergo: de hokjesgeest geeft rust! Heel logisch allemaal.

Mannen en vrouwen verschillen dus helemaal niet zo veel van elkaar. Wist je trouwens dat alle mensen als embryo hetzelfde beginnen? In de embryologische ontwikkeling is elke man eerst een vrouw. Kijk!

Ik ben Eva en sinds 2006 getrouwd met Abe. Samen hebben we vier kinderen: de tweeling Steijn en Hugo (2007), Mees (2008) en Kate (2012). Na jaren les te hebben gegeven, heb ik besloten om te gaan doen waar mijn hart ligt, namelijk schrijven.

Be first to comment